Verwacht hier geen beschouwing over allerlei privé-zaken dan wel m'n gezinsleven.
Daar valt weinig over te vertellen, althans, er is natuurlijk veel over te vertellen, maar weinig dat u zal interesseren!
Hieronder zéér beknopt mijn cv op luchtvaartgebied.
Ik ben geboren in 1944.
Begon vliegtuigfoto's te verzamelen op m'n 12e en ja, ik heb al weer enige jaren geleden m'n vijftigjarig jubileum als luchtvaartenthousiast gevierd.
Tegen m'n twintigste begon het besef door te dringen dat het pure verzamelen van plaatjes een redelijk uitzichtloze bezigheid is en begon me in allerlei historisch aspecten te verdiepen.
En zo begon eigenlijk na m'n wiskundestudie in Utrecht op meerdere terreinen het serieuze werk...
In de luchtvaarthobby werd ik eigenlijk op het spoor van m'n huidige interesse gezet door de publicatie van het Nederlands Luchtvaartuig Register (N.L.R.) door wijlen Fred Zandvliet in MEDEDELINGEN, het orgaan van de afdeling Luchtvaartkennis.
Tegenwoordig heet het blad ook LUCHTVAARTKENNIS.
Feitelijk is mijn hobby dus al sedert de jaren zestig het vastleggen van de levensgeschiedenissen van Nederlandse civiele vliegtuigen.
Die civiele vliegtuigen staan in het N.L.R. netjes op een rijtje en omdat ik toch een rijtjes en lijstjes mens ben, was dat een mooie 'kapstok' om mee aan het werk te gaan.
Zo ben ik jaren bezig geweest alles betreffende het N.L.R. bij elkaar te schrapen en een kaartsysteem op te bouwen. Computers voor particulier gebruik bestonden destijds natuurlijk nog niet.
Toen ik dat register zo'n beetje compleet had, inmiddels zijn we in de jaren zeventig aangeland, besefte ik dat er teveel problemen waren die eigenlijk alleen door de oorspronkelijk bronnen te bestuderen konden worden opgelost.
Er waren teveel zaken die niet klopten, elkaar tegensprekende bronnen e.d. Oftewel dat ook het verzamelen van 'tweedehands informatie' uit boeken en de luchtvaartpers mij niet meer genoeg voldoening schonk.
Na mijzelf bij de Rijksluchtvaartdienst te hebben geïntroduceerd kreeg ik inzage in het register en (in eerste instantie nog zéér beperkt) inzage in andere interessante zaken.
Dat heeft zich in de ruim dertig jaar daarna uitgebreid tot het huidige niveau.
Bij het vastleggen van de levensgeschiedenissen van vliegtuigen spelen ook ongevallen en incidenten vanzelfsprekend een belangrijke rol.
Zeker in de jaren zestig en zeventig was het eigenlijk onder professionals 'not done' om daarover te praten.
En er speciale interesse in hebben was helemaal nogal zonderling.
Deze interesse dateert vooral uit de tijd van het Super Cub onderzoek in de jaren zeventig. In diverse gevallen was het noodzakelijk om te weten hoe ernstig een toestel beschadigd was om te kunnen beoordelen of het al dan niet mogelijk was de resten weer op te bouwen.
Voor uitgebreide informatie over het resultaat van dat deel van mijn onderzoek van de levensgeschiedenissen wil ik u echter verwijzen naar de pagina "Toelichting op de databases" bij het Nederlands Crash Archief.
Let wel, het komt er dus op neer dat wat u op deze site aantreft slechts een gedeelte weergeeft van de in de afgelopen (ruim) 50 jaar verzamelde informatie.
Alleen het N.L.R. en de Ongevallen/Incidenten worden systematisch behandeld.
Over andere onderwerpen wordt weliswaar informatie geboden maar dat is afhankelijk van de interesse van 'het moment' en (vooral) van beschikbare tijd.
Het N.L.R. wordt regelmatig bijgehouden en is dus voortdurend up to date, maar voor de Ongevallen/Incidenten denk ik nog zo'n jaar of tien nodig te hebben voordat de periode 1920 - 1999 er helemaal 'op staat'.
Na publicatie van het Super Cub boekje volgden allerlei andere publicaties: Nederlandse Austers samen met Nico Geldhof, Nederlandse Tiger Moths, Nederlandse Constellations, Exportkenmerken, de Archive-Special betreffende het historisch register bij Air Britain, het PH-Boek, de (twee-)jaarlijkse DCAM samen met Henk Wadman, het naslagwerk "75 Jaar Nederlandse Luchtvaartuig Registers" in 1997 en tenslotte, in 2006, een bundeling van alle rapporten betreffende de ramp met de "Uiver".
In deze periode ben ik ook redactie- en/of bestuurslid geweest bij LUCHTVAARTKENNIS, DDA-Magazine en AIRnieuws.
Ook een belangrijke mijlpaal is de nieuwbouw van m'n archief in 2007 want al een tiental jaren is m'n verzameling zó omvangrijk geworden dat deze niet meer in m'n toch echt niet zo kleine huis past.
Het N.L.R. gedeelte kan ik met enige moeite nog in m'n werkkamer bergen, het ongevallenarchief was gehuisvest in een omgebouwde garage.
Daarvoor heb ik nu dus een nieuw archiefgebouw laten bouwen.




Ook vermeldenswaard is de nominatie voor de Gerson "Fiets" van Messel Award in 2008 die tenslotte, zeer terecht trouwens, uitgereikt werd aan Arjan Dros.
Verzoeken om meer informatie over de hier gepresenteerde onderdelen N.L.R en O&I zijn welkom en daar zal ik ook in de meeste gevallen wel aan kunnen voldoen.
Voor andere (mogelijk niet openbare) delen van de levensgeschiedenissen zal ik u uitnodigen hier zelf onderzoek te komen doen of u eventueel doorverwijzen naar hobbyvrienden die beter dan ik in bepaalde onderwerpen thuis zijn.
Opmerkelijk is ook dat ik nu in het Nationaal Archief archiefdelen aantref die ik tientallen jaren geleden al doorgewerkt en/of gekopieerd heb vóórdat ze (min of meer 'geschoond') daar aan de collectie werden toegevoegd.
In ruil voor het logboek van de OO-DJU kon ik Noord-Brabant vanuit de lucht bekijken.
(OO-DJU was het kenmerk van de PH-CSL tijdens z'n Belgische periode.)
