Opsomming van de bekende ongevallen en incidenten
in 1946
Herman Dekker: Contact
Uw commentaar in de vorm van aanvullingen (foto's!) en/of correcties wordt zéér op prijs gesteld!
Laatste wijzigingen bij: UBA 27/6; PH-# 15/3; PH-UAI 30/3; PH-TBR 17/9
Datum
Kenmerk Type
Plaats
Gezagvoerder
Beschreven Foto's
15.01.1946
PH-RAA de
Havilland D.H.89A
Eindhoven Plesman, A.
ja nee
00.01.1946
OY-# Fokker
F.VII
Schiphol
onbekend ja nee
14.02.1946
PH-TAG Douglas C-54A
Skymaster
Schiphol Viruly,
A. ja nee
15.03.1946 PH-# de
Havilland Tiger Moth =
onbekend
ja nee
24.03.1946 PH-101 Schneider Grunau
Baby IIa Bussummer Heide Albracht, F.J. ja nee
30.03.1946
PH-UAI de
Havilland Tiger Moth
Nerhoven
onbekend ja nee
21.04.1946
PH-94 Grunau 9
(ESG)
Soesterberg Oosterom van, T.
ja nee
22.04.1946
PH-86 Schneider Grunau
Baby IIa
Twente
onbekend ja nee
25.04.1946
NL-# Douglas C-54A
Skymaster Schiphol
Rijkhof
ja nee
14.05.1946
NL-305 Douglas C-54A
Skymaster
Cairo
Moll
ja nee
15.05.1946
NL-310 Douglas C-54A
Skymaster
Calcutta
Vincent
ja nee
21.05.1946
PH-TAR Douglas
DC-4-1009
New York Dijk van,
E. ja nee
22.05.1946
PH-RAA de
Havilland D.H.89A
Leeuwarden Glabbeek van, J.A. ja nee
26.05.1946
PH-86 Schneider Grunau
Baby IIa
Twente
onbekend ja nee
27.05.1946
PH-RAD de
Havilland D.H.89A
Eelde Boonstra, J.E.
ja ja
04.06.1946
PH-114 Grunau 9
(ESG)
Eelde
Zyl, J.
ja nee
10.06.1946 PH-96 Schneider
Grunau Baby IIa Eelde
onbekend ja nee
17.06.1946
PH-UAH de
Havilland Tiger Moth
Rijen Jansen,
J.F.A. ja nee
17.06.1946 PH-118 Grunau 9 (ESG)
Echtenerveld Dieten van ja nee
23.06.1946
PH-TBT Douglas
C-54A Skymaster
Lissabon
onbekend ja nee
23.06.1946 PH-9 Grunau 9 (ESG
29)
Teuge Swenker, N.M.H. ja nee
27.06.1946
PH-UBA Junkers
Ju
52
Soesterberg Lambermont, D.H.
ja ja
29.06.1946
PH-118 Grunau 9
(ESG)
Echtenerveld Hoekstra,
B. ja nee
30.06.1946
PH-117 Grunau 9
(ESG)
Hilversum
onbekend ja nee
02.07.1946
PH-124 Grunau 9
(ESG)
Echtenerveld Baan,
H.W. ja nee
03.07.1946
PH-118 Grunau 9
(ESG)
Echtenerveld Westerdiep, H.
ja nee
07.07.1946
PH-100 Grunau 9
(ESG)
Leende
Dings, M.W.A. ja nee
09.07.1946
PH-123 Grunau 9
(ESG)
Hondhang Rademaker,
K.J. ja nee
10.07.1946
PH-UAA de
Havilland Tiger Moth
Gilze-Rijen Ranke, Th.L.
ja nee
19.07.1946
PH-UAF de
Havilland Tiger Moth
Gilze-Rijen Luik, C.
ja ja
21.07.1946
PH-86 Grunau
Baby
IIa
Twente
onbekend ja nee
26.07.1946
PH-91 Grunau
Baby
IIa
Teuge
Reijn van, K.H.G. ja nee
28.07.1946
PH-117 Grunau 9
(ESG)
Hilversum
onbekend ja nee
30.07.1946
PH-132 Grunau 9
(ESG)
Soesterberg Hazel,
N. ja nee
00.07.1946
PH-185 Grunau 9
(ESG)
Leende
onbekend ja nee
04.08.1946
PH-94 Grunau 9
(ESG)
Soesterberg
onbekend ja nee
11.08.1946 PH-51 Grunau 9 (ESG
29)
Teuge Slaghuis, J. ja nee
17.08.1946
PH-TAZ Douglas
C-47A
Croydon Otten,
A. ja ja
26.08.1946
PH-UAK de
Havilland Tiger Moth
Gilze-Rijen Sodderland, P.L.W. ja ja
28.08.1946
PH-NAG Difoga
421
Nederhorst den Berg Bernhard, prins ja ja
28.08.1946 NL-315
Douglas
C-54A Skymaster
Schiphol
geen
ja nee
29.08.1946
PH-UAH de
Havilland Tiger Moth
Gilze-Rijen Born van de, C.G.
ja ja
00.08.1946
PH-TCA Douglas
C-47A
#
onbekend ja nee
01.09.1946
NL-314 Douglas C-54A Skymaster #
onbekend
nee nee
01.09.1946
PH-83 Grunau 9
(ESG)
Teuge
Schutte, G.J. ja nee
03.09.1946
PH-NAS Fokker
S.9
Ypenburg Kloosterhuis,
E.H. ja nee
06.09.1946
NL-310 Douglas
C-54A Skymaster
Basrah
Laamens ja nee
17.09.1946
PH-TBR Douglas
C-47A
Brussel Protiva,
R. ja nee
18.09.1946 PH-UBN North
American AT-6A Texan Soesterberg Schaik van, G. ja nee
18.09.1946 NL-310
Douglas
C-54A Skymaster
Calcutta
Laamens
nee nee
19.09.1946
NL-312 Douglas C-54A
Skymaster
Singapore
Bax
ja nee
21.09.1946
NL-301 Douglas
C-54A Skymaster
Karachi
Smirnoff ja nee
22.09.1946
PH-143 De Schelde
ESG
Woensdrecht
geen
ja nee
27.09.1946
PH-# #
Banolas
onbekend
ja nee
28.09.1946
PH-TAD Douglas
C-54A Skymaster
Schiphol
onbekend ja nee
12.10.1946
PH-TCA Douglas
C-47A
Schiphol
onbekend ja nee
15.10.1946
PH-TBY Douglas
C-47A
Croydon Viruly,
A. ja nee
16.10.1946
PH-NAY Fairchild UC-61A Argus
II
Lyndhurst Perry,
R.C. ja nee
16.10.1946 PH-UBG
North American AT-6A
Texan
Warga
Post, H.W. ja ja
23.10.1946
PH-NAH Koolhoven
F.K.43
Haarlemmermeer Bulten, H.B.
ja nee
28.10.1946
PH-UBR Beech
D18S
Haringvliet Hoekstra, J.K.
ja ja
29.10.1946
PH-UBH North American AT-6A
Texan
Coevorden
Haremaker ja nee
29.10.1946 PH-UBL North American AT-6A
Texan Coevorden Schüler, P.C.A. ja nee
05.11.1946
PH-TAV Lockheed
049 Constellation Santa
Maria Dijk van, E.
ja ja
06.11.1946
PH-TBO Douglas
C-47A
Barnet Wood Kappelmeijer, O.W.P. ja ja
06.11.1946 PH-#
#
Varck onbekend ja nee
06.11.1946 G-AHNB
Percival
P.30 Proctor II
Valkenburg
onbekend ja nee
13.11.1946
LN-LAE Airspeed AS.40 Oxford
I
Schiphol
Thorsaser ja nee
14.11.1946
PH-TBR Douglas
C-47A
Schiphol Moreton,
E.J.H.F. ja nee
14.11.1946 PH-TBW
Douglas
C-47A
Schiphol Moreton,
E.J.H.F. ja nee
18.11.1946
OY-POL Piper
J3C-65
Cub
Bergeyk Hansen,
H.L. ja nee
22.11.1946
PH-TBI Douglas
C-47A
Schiphol Creel,
J.H. ja nee
22.11.1946 LN-NAL
Auster
J/2
Arrow
Valkenburg
onbekend ja nee
29.11.1946 PH-UBK North American AT-6A
Texan Gilze-Rijen Gibson, J.A. ja nee
00.11.1946
PH-AAA Bücker
Bü 181 Bestmann
#
onbekend ja nee
04.12.1946 PH-UBN North
American AT-6A Texan Gilze-Rijen Kommer van de, K. ja nee
07.12.1946
PH-TCF Douglas DC-4-1009
Tunis Viruly, A.
ja nee
07.12.1946
PH-NAW Supermarine
Walrus I
Kaapstad Donkelaar van,
J. ja nee
08.12.1946
PH-136 Grunau 9
(ESG)
Ypenburg Otto,
P. ja nee
00.00.1946
PH-UA# de Havilland Tiger
Moth
Roosendaal onbekend
ja nee
00.00.1946 PH-# Piper
J3C
Cub
Schiphol
geen
ja nee
00.00.1946 G-# Vickers
Viking
Schiphol onbekend
ja ja
NEDERLANDSE ONGEVALLEN EN INCIDENTEN 1946
15.01.1946 PH-RAA de
Havilland D.H.89A 6890 Eindhoven Terug / Top
De bestuurder vertok van Schiphol om de bijna gereedgekomen tweede baan van
Beek te inspecteren. Boven Zuid-Limburg aangekomen kon hij vanwege het slechte
weer het vliegveld echter niet vinden. Hij zette koers naar Eindhoven en maakte
daar een veilige landing.
Er ontstond later wat commotie omdat hij volgens de
autoriteiten met wel erg weinig brandstof aan boord geland was.
Bestuurder: A. Plesman.
Interne RLD briefwisseling waarin ook geschreven wordt over een ongeval met de PH-RAC.
Daarover heb ik geen informatie, mogelijk betreft het de
voorzorgslanding van de PH-RAD op 21.12.1945!
(Coll. H. Dekker)
00.01.1946 # Fokker
F.VII = Schiphol Terug / Top
Volgens het archief van de Amsterdamse Club voor Zweefvliegen reed medio
januari een toestel van dit type over hun lierkabel. De kabel brak af, maar pas
na aankomst te
Kopenhagen werd ontdekt dat er nog een stuk aan het staartwiel hing.
14.02.1946 PH-TAG Douglas
C-54A Skymaster 10420 Schiphol Terug / Top
De Skymaster zou voor de eerste vlucht naar Paramaribo vertrekken maar liep
door olielekkage een vertraging van een uur op.
Bestuurder: A. Viruly.
15.03.1946 PH-# de Havilland D.H.82a Tiger Moth # = Terug / Top
Er
zouden vier Tiger Moths voor de RLS worden overgevlogen. Het
viertal vertrok veel te laat vanaf Knokke voor de laatste etappe en
toen het op Gilze-Rijen ook nogal mistte slaagde er maar
één van de vier het veld te bereiken.
De andere drie maakten voorzorgslandingen in de buurt, één van hen kwam daarbij op de neus te staan.
24.03.1946 PH-101 Grunau
Baby IIa 7 serie III Bussummer Heide Terug / Top
Tijdens de vlucht werd tot drie maal toe met veel te weinig vliegsnelheid
een bocht
ingezet waarbij het
toestel over de rechtervleugel wegdook.
Bij de eerste twee keer was de hoogte
voldoende om het toestel weer te corrigeren.
Bij de derde keer was dat echter
niet meer het geval, waardoor eerst de rechter vleugel,
en vervolgens de
rompneus met de grond in aanraking kwamen.
De rechtervleugel werd op twee plaatsen gebroken terwijl de romp tot aan
de voorkant van de vleugels versplinterd werd en tot aan de achterrand der
vleugels geheel ontzet.
Bestuurder F.J. Albracht.
Ongevallenrapport 1946-1. (Coll. H. Dekker)
30.03.1946 PH-UAI de
Havilland D.H.82A Tiger Moth 86443 Gilze-Rijen Terug / Top
Bij aankomst te Gilze-Rijen ("Nerhoven" werd dit veld toen nog
genoemd) van een viertal Tigers uit Engeland botste dit toestel in de uitloop na de landing tegen een betonblok.
Propeller werd licht beschadigd.
21.04.1946 PH-94 Grunau 9 (ESG) = Soesterberg Terug / Top
Na een harde landing stuiterde het toestel weer omhoog en kwam bij de
tweede landing op een hoopje stenen terecht.
De A-bok was zo zwaar beschadigd dat die geheel nieuw moest worden gemaakt.
Bestuurder: T. van Oosterom.
Ongevallenrapport 1946-2. (Coll. H. Dekker)
22.04.1946 PH-86 Schneider Grunau
Baby IIa 2 serie III Twente Terug / Top
Schaats gebroken bij de landing.
25.04.1946 NL-# Douglas C-54A
Skymaster = Schiphol Terug / Top
Wegens
een storing aan een motor moesten de passagiers na een half uur
het toestel weer verlaten. Anderhalf uur later kon alsnog vertrokken
worden.
Bestuurder: Rijkhof.
14.05.1946 NL-305 Douglas
C-54A Skymaster 10420 Caïro(SU) Terug / Top
Een motor verbruikte veel olie en trilde nogal, bij controle werden
metaaldeeltjes aangetroffen. een motorwissel was
noodzakelijk. Na de mededeling dat de KLM-vertegen-
woordiger Cabris in Caïro één
of twee motoren kon kopen werd hierover verder geen informatie aangetroffen.
Gezagvoerder: Moll.
Een gedeelte van het rapport n.a.v. de bespreking op 24/5 in
de Icarus club. (Coll. Harm J. Hazewinkel)
15.05.1946 NL-310 Douglas
C-54A Skymaster 10375 Calcutta(VT) Terug / Top
Twee uur vertraging wegens problemen met de magneten. Vermoedelijk
veroorzaakt door hevige regens op het traject Bangkok
- Calcutta.
Gezagvoerder: Vincent.
Dit incident wordt ook in het hierboven geplaatste document genoemd.
21.05.1946 PH-TAR Douglas
DC-4-1009 42923 New
York(N) Terug / Top
Dit was de openingsvlucht van de dienst op New-York.
Vlak voor hen was een Dakota van
American Airlines geland en op het moment van touchdown zag de bemanning dat
die Dakota na zijn landing op de baan bleef staan.
Op aansporingen van de
verkeersleiding werd niet gereageerd. Doorstarten leverde te veel risico's op
en dus zat er niets anders op dan vol in de remmen te gaan. Er sprongen twee
banden.
De terugvlucht werd uitgevoerd met de PH-TAS.
Gezagvoerder: E. van Dijk. Co-piloot: Rossi. Stewards: Bosman en De Wilde.
Gezagvoerder Van Dijk schreef een rapport voor de RLD. (Coll. H. Dekker)
22.05.1946 PH-RAA de
Havilland D.H.89A Dragon Rapide 6890 Leeuwarden Terug / Top
Het vliegtuig vertrok van Schiphol met zeven passagiers voor het uitvoeren
van een dienstvlucht op de lijn Schiphol/Leeuwarden. Doordat het toestel te hoog
en met te grote snelheid binnenkwam, kon de bestuurder het toestel niet tijdig
tot stilstand brengen.
De grens van het terrein werd in de uitloop aanzienlijk overschreden.
Aan
het eind van de uitloop kwam het in een al wèl gedempte, maar nog niet aangestampte
drainagesloot terecht. Met lage snelheid neigde het toestel voorover en sloegen
de propellers tegen de grond. Daarbij raakten ze licht beschadigd. De
inzittenden bleven ongedeerd.
Bestuurder: J.A. van Glabbeek. Telegrafist: telegrafist Smit.
Het rapport van havenmeester Van der Steeg. (Coll. H. Dekker)
26.05.1946 PH-86 Schneider Grunau
Baby IIa 2 serie III Twente Terug / Top
Op vier meter hoogte werd het toestel overtrokken en het dook dus de grond in.
Twee rompgordingen, twee
spanten en -weer- de schaats gebroken.
27.05.1946 PH-RAD de
Havilland D.H.89A Dragon Rapide 6895 Eelde Terug / Top
Het vliegtuig vertrok om 16.22 uur van Schiphol met zeven passagiers voor
het uitvoeren van een verkeersvlucht op de lijn Amsterdam/Groningen.
Bij de landing om 17.22 uur zette de bestuurder het toestel ongeveer 90 meter na de veldgrens
aan de grond. Hoewel er toen nog omstreeks 575 meter baan over was,
was dat niet voldoende om tot stilstand te komen.
De bestuurder maakte een vrij scherpe bocht naar links en kwam toen in
botsing met een lampopstand van de baanverlichting. Hierdoor werd het achterste
deel van de romp vanaf de voorrand van het stabilo geheel vernield. De
inzittenden bleven ongedeerd.
Gezagvoerder: J.E . Boonstra. Telegrafist: J.A. Pouw.
Havenmeester Vogelzang meldde de botsing bij de RLD. (Coll. H. Dekker)
De door hem genoemde tijd is niet correct, het geschiedde om 17.22 uur!
Twee foto's van de zwaar beschadigde staart. (Coll. H. Dekker)
04.06.1946 PH-114 Grunau 9 (ESG) 6002 Eelde Terug / Top
De bestuurder had van de instructeur opdracht gekregen op één meter hoogte
achter de sleepauto te vliegen. Aanvankelijk deed hij dat ook precies, maar
plotseling trok hij op tot drie meter hoogte en bracht hij het toestel weer in
de normale vliegstand.
De instructeur ontkoppelde, waarna de leerling, geschrokken van zijn
'hoogte', het toestel weer naar beneden drukte.
Hij vloog dus tegen de grond, de schaats brak tot aan de rompvoorstijl af,
de stijl zelf scheurde zo'n 60 cm en de stuurknuppel boog
krom omdat de bestuurder er met zijn volle gewicht op terecht kwam.
De leerling kwam er zonder letsel vanaf. Het rompje werd naar de Centrale Werkplaats te
Arnhem gebracht om gerepareerd te worden.
Bestuurder: J. Zyl. Instructeur: Robaard.
Ongevallenrapport 1946-3. (Coll. H. Dekker)
10.06.1946 PH-96 Schneider Grunau Baby IIa 6 serie III Eelde Terug / Top
Terwijl het toestel op de grond stond werd het getroffen door een vallende lierkabel.
Rib gebroken aan de linker vleugel.
17.06.1946 PH-UAH de
Havilland D.H.82A Tiger Moth 86506 Rijen Terug / Top
Tijdens een lesvlucht opende de leerling na een glijvlucht op lage hoogte
de gasklep te snel. Hierdoor sloeg de motor af.
Omdat de instructeur niet op de hoogte was van deze eigenschap van de Gipsy
Major kon hij dus niet adequaat reageren.
Bij de daaropvolgende noodlanding sloeg het toestel over de kop.
Beide
inzittenden bleven ongedeerd, maar de beschadigingen aan het toestel waren
aanzienlijk: stabilo, kielvlak, richtingsroer, propeller en motorbok werden
vernield, vleugels en rolroeren werden beschadigd.
Instructeur: J.F.A. Jansen. Leerling: R.L. van Vliet.
Controleur Van der Wal beoordeelde het incident én de schade. (Coll. H. Dekker)
17.06.1946 PH-118 Grunau 9 (ESG) 6006 Echtenerveld Terug / Top
Na vijf keurige sledevaarten drukte de bestuurder bij de eerste start,
direct na het loskomen, het toestel de grond in.
Het drukken was een
schrikreactie van hem, omdat hij wat te hoog optrok. Wel vier meter!
De schaats brak ter hoogte van de voorstijl, verder nog lichte
beschadigingen aan staart en vleugel.
Bestuurder: Van Dieten.
Ongevallenrapport 1946-4. (Coll. H. Dekker)
23.06.1946 PH-TBT Douglas
C-54A Skymaster 3084 Lissabon(CS) Terug / Top
Op de thuisreis van
Curaçao naar Amsterdam waren er al tekenen van olielekkage geweest.
Te Recife was de motor nog gecontroleerd en droog gemaakt. In Natal werd
nog een schroefregulateur verwisseld.
Toen ze onderweg van Natal naar Dakar waren begon de oliestandaanwijzer van
motor #2 terug te lopen. Na de landing op Dakar bleek dat alle olie, inclusief
de 50 liter
reserve, weggelopen was. Op Dakar waren geen grondfaciliteiten en de
boordwerktuigundige deed wat hij kon om de zaak te repareren.
Na twee uur vliegen was echter alle olie, nu 280 liter, weer
verdwenen.
Met de schroef in vaanstand en een klein restje olie, om de motor
bij de landing weer te kunnen bijzetten, werd in acht uur en 50 minuten naar
Lissabon gevlogen.
Na lang zoeken ontdekte de boordwerktuigkundige samen met de grondwerktuigkundige
tenslotte een scheur in de schroefas van wel 25 cm lengte.
Op dat moment was dit de langste drie-motorenvlucht in de KLM-geschiedenis.
Op 11.5.1959 werd dat overtroffen door de Constellation PH-LKP met een vlucht van 9.20
uur.
Boordwerktuigkundige: J. Akkerman. Grondwerktuigkundige: Menschaert.
23.06.1946 PH-9 Grunau 9 (ESG 29)
455 Teuge Terug / Top
De opdracht was een klein sprongetje te maken. De leerling trok het toestel
echter steil omhoog naar zo'n tien meter hoogte. Toen
schrok hij zo, dat hij alles losliet en het toestel de grond in dook.
De A-bok werd op drie plaatsen gebroken en kon afgeschreven worden, de
beschadigingen aan de vleugel konden worden gerepareerd.
Mij lijkt eigenlijk dat deze A-bok bij de ESG als de romp beschouwd moet
worden en dat betekent dat de PH-9 die een week later
weer vloog, met een nieuwe(?) A-bok, min of meer als een 'nieuw' toestel beschouwd dient te
worden.
Leerling: N.M.H. Swenker.
Ongevallenrapport 1946-5. (Coll. H. Dekker)
27.06.1946 PH-UBA Junkers
Ju 52/3m 5717 Soesterberg Terug / Top
Om 15.10 uur zou het vliegtuig weer vertrekken om een op Gilze-Rijen
begonnen lesvlucht voort te zetten. Het was de bedoeling om via Schiphol naar
Gilze-Rijen terug te keren.
Bij het aanslaan van de linker motor brak brand uit in de motorgondel.
Deze
brand werd pas na enige tijd geblust want het duurde 20 seconden voordat het
blusmiddel uit de sproeiers begon te spuiten. Bovendien bleek het
handblusapparaat verstopt.
Kortom, de motor raakte ernstig beschadigd. De twaalf passagiers, de
instructeur, de leerlingvlieger en de werktuigkundige bleven ongedeerd.
Een
oorzaak voor het in brand vliegen werd ondanks grondig onderzoek niet gevonden,
wèl werd de methode van starten veroordeeld.
Instructeur: D. Lambermont. Boordwerktuigkundige: D.F.J. Burggraaf.
Leerling: Binnekade.
De rapporten van Lambermont voor resp. de Luchtvaartdienst en de RSL. (Coll. H. Dekker)
De beschadigde motorbok. (Coll. H. Dekker)
29.06.1946 PH-118 Grunau 9 (ESG) 6006 Echtenerveld Terug / Top
Bij de nadering werd het toestel overtrokken hetgeen
in een harde landing resulteerde.
Het toestel vloog toen, vanwege de schade op
17 juni, met de A-bok en de linkervleugel
van de PH-119.
Bestuurder: B. Hoekstra.
Ongevallenrapport 1946-5. (Coll. H. Dekker)
30.06.1946 PH-117 Grunau 9 (ESG) 6005 Hilversum Terug / Top
Leider M. Wolters rapporteerde het volgende:
"Tengevolge van harde landingen van
beginners zijn beslagen van liftkabels verbogen, schetsplaten onder de
zitplaats gescheurd, drukvouw in achterstijl van bok over stroomlijnvormige
gedeelte."
Het toestel werd ter reparatie naar de Centrale Werkplaats gebracht.
02.07.1946 PH-124 Grunau 9 (ESG) 6012 Echtenerveld Terug / Top
Er zou een lage sprong gemaakt worden. De bestuurder zette echter een te
sterke duik in en corrigeerde die te heftig door de knuppel achterover te
trekken.
Op drie meter hoogte overtrok hij het toestel en dook de grond in.
De punt
van de A-bok brak bij de voorstijl af.
Bestuurder: H.W. Baan.
Ongevallenrapport 1946-7. (Coll. H. Dekker)
03.07.1946 PH-118 Grunau 9 (ESG) 6006 Echtenerveld Terug / Top
De bestuurder draaide voor de eerste maal een S-bocht. Het toestel werd in
de laatste bocht overtrokken en getrokken gehouden. Uit deze bocht afgegleden
en met een vleugeltip en de neus tegelijk de grond ingedoken.
De bestuurder liep een blauw oog en een gekneusde rib op. Het toestel werd
volgens leider J. Vastenouw "volledig gekraakt, alleen de
roeren en het stabilo zijn onbeschadigd".
Toch werd het wel weer gerepareerd, maar gezien de ervaring met deze ESG's
zal er weinig van de originele PH-118 weer het luchtruim gekozen hebben.
Bestuurder: H. Westerdiep.
07.07.1946 PH-100 Grunau 9 (ESG) 5 serie II Leende Terug / Top
De leerlinge ging voor de eerste keer solo. Zij trok wat scherp op maar
legde het toestel
op tien meter hoogte correct vlak. Voor de landing stak zij
wat te scherp naar beneden en corrigeerde dat niet meer.
Onder een hoek van 30° dook het toestel de grond in.
De leerling brak daarbij een been en liep een wond aan haar hoofd op.
Het
toestel was er nog ernstiger aan toe, de A-bok was op meerdere plaatsen
gebroken, ribben van beide vleugels gebroken.
Bestuurster: H.W.A. Dings.
Ongevallenrapport 1946-10 en het schaderapport van de Centrale Werkplaats. (Coll. H. Dekker)
09.07.1946 PH-123 Grunau 9 (ESG) 6011 Hondhang Terug / Top
Voor de eerste maal los achter de sleepauto. De hoogteroerbediening was wat
onrustig en na twee maal pompen werd het toestel met de neus tegen de grond gevlogen.
Voorste rompstuk gebroken bij bout van de voorste stijl en bevestigingsbout
richtingsroer, schaats gebroken en voorste deel kiellijst afgebroken.
Bestuurder: K.J. Rademaker.
N.B. Ik vermeld de plaatsnamen conform mijn bronnen, in dit geval wil ik er
op wijzen dat Hondhang m.i. hetzelfde terrein is als het hiervoor genoemde
Echtenerveld.
10.07.1946 PH-UAA de
Havilland D.H.82A Tiger Moth 86585 Gilze-Rijen Terug / Top
De leerling kwam in voor de landing na een oefenvlucht. In de laatste bocht
werd het toestel onbestuurbaar. Ondanks gas geven verloor het
snel hoogte, kwam met de linkervleugel aan de grond en sloeg daarop naar rechts
over.
Het rechter wiel kwam in een kuil waarna het toestel recht op z'n neus kwam te staan.
De rechter vleugels werden hierbij
vernield. De bestuurder bleef ongedeerd.
De Raad voor de Luchtvaart oordeelde dat de bestuurder met te geringe
snelheid een bocht had gemaakt. Maar gezien (de resultaten van) het onderzoek
naar de vliegeigenschappen van de Tiger Moth dat inmiddels
was uitgevoerd, werd deze fout de bestuurder niet aangerekend.
Leerling: Th.L. Ranke.
De uitspraak van de Raad voor de Luchtvaart. (Coll. H. Dekker)
19.07.1946 PH-UAF de
Havilland D.H.82A Tiger Moth 86538 Gilze-Rijen Terug / Top
Na een overlandvlucht kwam de leerling om ongeveer 17.00 uur weer boven
Gilze-Rijen aan. Het vliegtuig bevond zich loodrecht op de landingsrichting op
een hoogte van ca. 100
meter, toen het een snelle vlakke zwaai van ongeveer 90°
naar rechts maakte.
Na deze zwaai dook het in een vrij rustige tolvlucht, waarna het vliegtuig
na ruim twee tolslagen met een niet al te harde slag de grond raakte.
De bestuurder
werd ernstig gewond.
Bestuurder: C. Luik.
Volgens de Raad voor de Luchtvaart werd het ongeval weliswaar veroorzaakt
door een besturingsfout van de bestuurder maar oordeelde ook dat het in de hand
werd gewerkt door bijzondere vliegeigenschappen van de Tiger Moth.
De uitspraak van de Raad voor de Luchtvaart. (Coll. H. Dekker)
Foto van het wrak. (Coll. W.
Muntinga)
21.07.1946 PH-86 Schneider Grunau Baby IIa 2 serie III Twente Terug / Top
Harde landing. Schade aan een achterlijst.
26.07.1946 PH-91 Schneider Grunau Baby IIa 3 serie III Teuge Terug / Top
Bij het binnenkomen iets te veel geslipt en met de linkervleugel tegen een
hekje gebotst.
Bestuurder: K.H.G. van Reijn.
Ongevallenrapport 1946-13. (Coll. H. Dekker)
28.07.1946 PH-117 Grunau 9 (ESG) 6005 Hilversum Terug / Top
In de landing raakte het toestel een goalpaal op het marinekamp.
30.07.1946 PH-132 Grunau 9 (ESG) 6020 Soesterberg Terug / Top
De opdracht was om na het draaien van enige cirkels rechtsom, met een
linkerbocht binnen te komen. In plaats daarvan draaide de bestuurder een veel
te steile rechterbocht waarbij de snelheid steeds toenam. Het toestel verloor
veel hoogte.
Het werd nog net op tijd vlakgetrokken maar het ging in overtrokken
toestand door een paar boomtoppen heen, waarna het met de neus op de grond en
met de staart op een hoop stenen terecht kwam.
De bestuurder kwam er met een paar bloeduitstortingen af.
Het toestel was
behoorlijk beschadigd. Van de spantoren was de achterstijl gestuikt,
rompspanten gebroken, voetenstuur verbogen, vulklos bij de voorstijl los,
schaats stuk, ondergording gebroken, draaipunt richtingsroer ontzet.
Bestuurder: N. Hazel.
Uittreksel uit Ongevallenrapport 1946-12. (Coll. H. Dekker)
00.07.1946 PH-185 Grunau 9 (ESG) = Leende Terug / Top
Onbekende schade. Het Bewijs van Luchtwaardigheid werd op 15.7.1946
geschorst en, na reparatie, op 2.8.1947 weer uitgereikt.
De BvL-administratie van PH-185. (Coll. H. Dekker)
04.08.1946 PH-94 Grunau 9 (ESG) = Soesterberg Terug / Top
Omdat de leerling de opgedragen cirkel wat te groot vloog, kwam hij niet
goed uit voor de landing. Hij maakte dus een buitenlanding in een naburig
weiland.
Daarin stond een maaimachine en die kon hij in de uitloop niet meer
ontwijken.
Rechter vleugeltip beschadigd.
Bestuurder: T. van Oosterom.
Uittreksel uit Ongevallenrapport 1946-13. (Coll. H. Dekker)
11.08.1946 PH-51 Grunau 9 (ESG 29)
1 Teuge Terug / Top
Bleef na het ontkoppelen eigenlijk in overtrokken toestand hangen.
Het
toestel luisterde nauwelijks meer naar de roeren.
Na, min of meer, een cirkel beschreven te hebben, kwam het op een
prikkeldraadhek terecht. Linker aileron, ribben en eindlijst gebroken. Triplex
van linker en rechter vleugelneus beschadigd.
Bestuurder: J. Slaghuis.
Ongevallenrapport 1946-14. (Coll. H. Dekker)
17.08.1946 PH-TAZ Douglas
C-47A 12173 Croydon(G) Terug / Top
Het weer was enigszins onstuimig en de verkeersleider adviseerde de
gezagvoerder om uit te wijken naar Northolt. Daarvan had hij de
KLM-vertegenwoordiger ook al in kennis gesteld.
De gezagvoerder negeerde dit advies en voerde zijn landing toch op Croydon uit.
Tijdens de landing werd het toestel getroffen door hevige remous en het
kwam met rechter wiel hard aan de grond. De gezagvoerder legde het toestel weer
recht en zette het daarna recht aan de grond.
Helaas, het linker wiel klapte in en steunend op vleugeltip en rechter wiel
gleed het toestel over de baan. De propeller bleef ergens in het midden van de
baan achter.
Het glijdende toestel kwam vlak voor een hangaar (“D”) en een andere C-47
tot stilstand.
De verkeersleider was ook nogal ontstemd over het feit dat hoewel de
hulpdiensten snel ter plaatse waren, er geen ambulance en andere medische
faciliteiten aanwezig waren.
Het vliegtuig had evengoed de hangaar kunnen rammen en dat had, met ook
nog 9 passagiers aan boord, op een ramp kunnen uitlopen.
Metallurgisch onderzoek (NLL Rapport M.1082) wees uit dat de breuk niet kon
worden toegeschreven aan gebreken of onregelmatigheden in het materiaal.
Bovendien wees de algehele sterke deformatie erop
dat de breuk ook niet door vermoeiing kon zijn ontstaan. Kortom, harde
landing(en) maar niet noodzakelijk (ook) die waarbij de poot feitelijk bezweek.
Bestuurder: A. Otten. Boordwerktuigkundige: H. Westrik. Telegrafist:
Engelsman. Stewardess: Bleeker.
Het door BWK Westrik opgestelde storingsrapport. (Coll. H. Dekker)
Twee rapportjes, de tweede van de verkeersleider die adviseerde uit te wijken naar Northolt. (Coll. H. Dekker)
De propeller was door een 'working party' uit het veld opgehaald. (Coll. H. Dekker)
26.08.1946 PH-UAK de
Havilland D.H.82A Tiger Moth 86303 Gilze-Rijen Terug / Top
De opdracht was om een doellanding te maken. Nadat het vliegtuig zich in
een glijvlucht op ca. 120 m
hoogte bevond, beschreef de bestuurder een linkerbocht.
Deze bocht werd gaandeweg scherper. Toen het vliegtuig zich op een hoogte
van 30 meter
bevond, waarbij de dwarshelling groot was, dook het bijna rechtstandig naar
beneden, daarbij sterk naar links draaiend.
Het vliegtuig raakte vrijwel verticaal de grond, nadat het bijna een halve
slag om de topas gedraaid was. Bij de botsing met de grond werd het voorste
deel van de romp tot de achterste zitplaats geheel in elkaar gedrukt, waarbij
ook de vleugelbok met de zich daarin bevindende benzinetank werd vernield. Het
vliegtuig is daarop op de rug gedraaid en onmiddellijk in brand gevlogen.
De bestuurder, die door de botsing met de grond reeds
ernstig moet zijn gewond en vermoedelijk bewusteloos was geraakt door de schok
(de bevestiging van zijn veiligheidsgordel was zelfs gebroken), is
waarschijnlijk door verbranding om het leven gekomen.
De onmiddellijk ingestelde bluspogingen met koolzuur leverden geen
resultaat op. Ook dit ongeval werd veroorzaakt doordat de bestuurder bij te
lage snelheid een te scherpe bocht maakte. Zie ook 10 juli PH-UAA en 19 juli
PH-UAF.
Bestuurder: P.L.W. Sodderland(┼)
Terug naar de opsomming "Ernstige ongevallen"
De uitspraak van de Raad voor de Luchtvaart. (Coll. H. Dekker)
Twee foto's van het uitgebrande wrak. (Coll. H. Dekker)
28.08.1946
PH-NAG Difoga
421
= Nederhorst den Berg Terug / Top
Tijdens
een vlucht vanaf Soesterberg moest een noodlanding gemaakt worden. Of
ZKH Prins Bernhard het toestel bestuurde is niet duidelijk, hij was in
ieder geval wél aan boord.
Foto met dank aan Peter Diepen.
28.08.1946 NL-315 Douglas
C-54A Skymaster 10377 Schiphol Terug / Top
De machine werd deze dag uit de vaart genomen wegens lekken der
middenligger achter tank #1, waar zich meerdere oude reparaties bevonden.
Alle nagels in het betreffende gebied werden nageklonken dan wel vervangen,
de stiffeners hersteld en vervangen, alles opnieuw geseald etc.
Het reparatierapport van de lekkage. (Coll. H. Dekker)
29.08.1946 PH-UAH de
Havilland D.H.82A Tiger Moth 86506 Gilze-Rijen Terug / Top
Tijdens de landing sprong het toestel omhoog waarop de bestuurder reageerde
met gas geven. Hij hield echter de neus veel te hoog zodat het in overtrokken
toestand over rechts wegviel. Hij verzuimde dus de door de propeller
veroorzaakte torsie te corrigeren.
Het toestel sloeg tegen de grond en kwam 22 meter verder tot
stilstand.
De bestuurder bleef ongedeerd.
Bestuurder: C.G. v.d. Born.
En 'iedereen' moest z'n commentaar geven! (Coll. H. Dekker)
Twee foto's uit de collectie van Doewe Pelleboer.
NB. Deze vier ongevallen (10/7, 19/7, 26/8 en 29/8) waren de oorzaak van
een uitgebreid onderzoek naar de vliegeigenschappen van de na-oorlogse Tiger
Moth.
Dit onderzoek leidde tenslotte tot
het verplicht stellen van de zogenaamde Fokker-staart, in de praktijk de
'beddeplank' (en tegenwoordig dus ‘beddenplank’) genoemd.
Meer informatie over deze vliegproeven en de resultaten daarvan vind u in mijn boekje "Dutch Tiger Moths" (AIRnieuws
1986). Hierin wordt op deze zaak zeer uitvoerig ingegaan.
00.08.1946 PH-TCA Douglas
C-47A 12963 # Terug / Top
Richtingsroer was uit de ophanging geslagen. Of dit in de lucht dan wel op
de grond gebeurde, is mij niet bekend.
01.09.1946 PH-83 Grunau 9 (ESG) 2 serie II Teuge Terug / Top
Bij het ontkoppelen helde het toestel iets naar links over. De bestuurder
corrigeerde dit maar deed dat veel te heftig.
Het toestel slipte over rechts naar beneden en pas vlak boven de grond zag
hij kans de zaak weer vlak te leggen en te landen.
Wèl raakte hij met de linkervleugel nog nét het prikkeldraad van een
hekje.
Lichte beschadiging aan de vleugelneus.
Bestuurder: G.J. Schutte.
Uittreksel uit ongevallenrapport 1946-16. (Coll. H. Dekker)
03.09.1946 PH-NAS Fokker
S.9
6175 Ypenburg Terug / Top
Tijdens de uitloop na de landing heeft de bestuurder waarschijnlijk te hard
geremd en daardoor, èn door de toestand van het terrein, ging het toestel op de
neus staan.
Het werd vrij ernstig beschadigd. De bestuurder bleef ongedeerd.
Bestuurder: E.H. Kloosterhuis.
Uit het ongevallenrapport. (Coll. H. Dekker)
06.09.1946 NL-310 Douglas
C-54A Skymaster 10375 Basrah(YK) Terug / Top
Motorbrand. Het werd sowieso een reis met
hindernissen. Na vertrek uit Calcutta liep de oliedruk op, propeller in
vaanstand en teruggekeerd. Er werden metaaldeeltjes in de filters aangetroffen
dus werd een nieuwe motor in Amsterdam besteld. Dat leverde elf dagen
vertraging op. Toen de motor arriveerde bleek dat er geen carburateur
meegeleverd was.
Die werd vanuit Batavia aangeleverd.
Tenslotte de opmerking dat zo'n nieuwe motor als
reserveonderdeel moet worden benoemd, en niet op het manifest moet worden gespecificeerd. Dit in verband
met inklaringsrechten.
Gezagvoerder: Laamens.
17.09.1946 PH-TBR Douglas
C-47A 19211 Brussel(OO) Terug / Top
De landing werd met rugwind uitgevoerd en het toestel kon niet meer voor
het eind van de baan tot stilstand worden gebracht. Het reed tegen een hek en
liep enige schade op.
Bestuurder: R. Protiva.
18.09.1946 PH-UBN North
American AT-6A Texan 78-5955 Soesterberg Terug / Top
Na een normale landing met 45° dwarswind begon het toestel tijdens de
uitloop hardnekkig naar rechts uit te lopen. Subtiel corrigeren hielp niet, dus
toen maar steviger geremd en gestuurd. De linker vleugeltip raakte de grond en
de bestuurder kon het toestel op Soesterberg achterlaten om gerepareerd te
worden.
Bestuurder: G. van Schaik.
De beschrijving van het gebeurde door Vlieger Instructeur .
(Coll. H. Dekker)
19.09.1946 NL-312 Douglas
C-54A Skymaster 3084 diverse Terug / Top
Na vertrek van Schiphol op 17/9 volgde een reis met veel storingen.
Diverse uitlaatbouten kapot. Tussen Bangkok en Singapore raakte de automaat
defect.
In Batavia een nieuwe horizon gemonteerd. Op de thuisreis begon motor
#3 te klappen. Aardkabel was lek. Voorste bougies werkten niet meer, nieuwe
bougies ingezet.
Tussen Calcutta en Karachi brak de hydraulische leiding vlak
achter de pomp af.
Op Karachi geland met gebruik van de handpomp en zonder
flaps, de remmen werkten nog 'een klein beetje'. Er stond een tractor klaar om
het toestel na de landing van de baan te slepen.
Er ging trouwens hierna een
aanwijzing uit hoe door slim pompen/kranenstand in zo'n
situatie niet flaploos geland hoeft te worden.
Te Rome werden nog wat uitlaatboutjes vervangen en tenslotte
klaagde de bemanning dat de cockpit- c.q. de dashbordverlichting "totaal verkeerd aangebracht was".
Gezagvoerder: Bax.
21.09.1946 NL-301 Douglas
C-54A Skymaster 10380 Karachi(AP) Terug / Top
Storing aan motor#1, oorzaak was een defecte bougie. De
ailerons van deze machine waren slecht, vooral bij lage snelheden.
Oliedrukmeters wezen niet goed aan, dat was een algemene klacht.
22.09.1946 PH-143 De Schelde ESG = Woensdrecht Terug / Top
Het toestel werd door een aantal 'oplichters' verplaatst toen één van hen
struikelde.
Net op dat moment kwam er een windvlaag, de anderen konden het niet
meer in bedwang houden en het sloeg over de kop.
Achterligger en linkervleugel gescheurd, richtingsroer, stabilo en
hoogteroer beschadigd.
Ongevallenrapport 1946-17. (Coll. H. Dekker)
27.09.1946
PH-# #
=
Banolas(EC) Terug / Top
Drie
Spaanse Messerschmitt jagers dwongen een KLM-toestel tot landen op het
militaire
veld Banolas. De landing op de (te) korte baan verliep
uitstekend en na controle van de boorddocumenten mocht het toestel weer
vertrekken.
De
verklaring was dat de piloten het toestel voor een Frans
verkeeerstoestel hadden aangezien. Wát dat verklaart is mij niet
echt duidelijk.
28.09.1946 PH-TAD Douglas
C-54A Skymaster 10379 Schiphol Terug / Top
Tijdens de start voor een proefvlucht kwam er een brandmelding van motor #4
en vanuit de cockpit waren ook vuurverschijnselen te zien.
De gezagvoerder sloot onmiddellijk de
shut-off valves, zette de schroef in vaanstand en landde weer. In eerste
instantie kon geen oorzaak gevonden worden, alle pakkingen en koppelingen
leken, ook bij hoge druk, goed dicht te zijn.
Na lang zoeken bleek dat er in een hydraulische hogedrukleiding een
minuscuul barstje zat waaruit bij volle hoge druk een zeer fijn verstoven
straaltje hydraulische olie spoot dat op de uitlaat terecht kwam.
Opmerkelijk is dat in de verslaggeving van dit incident kenmerk PH-TAD
wordt genoemd terwijl het toestel toen nog operationeel was als NL-302!
12.10.1946 PH-TCA Douglas
C-47A 12953 Schiphol Terug / Top
Er moest een gebroken richtingsroerkabel worden vervangen. Deze was
vermoedelijk gebroken a.g.v. van het omslaan van het
roer.
15.10.1946 PH-TBY Douglas
C-47A 12767 Croydon(G) Terug / Top
Op de uitvlucht naar Londen op de 14de was het
blindvliegen van de leerling-vlieger beoordeeld door de chef-vlieger. Deze gaf
daarover een gunstig oordeel.
De terugvlucht zou door de leerling gemaakt worden terwijl de chef-vlieger
onder de blindvliegkap zou gaan zitten.
De start verliep normaal tot het toestel net loskwam.
Toen begon de machine
geheel onbestuurbaar naar rechts te trekken. Met vol voetenstuur en ailerons
bleef de machine echter onbestuurbaar.
De chef-vlieger rukte de kap weg en zag de machine in een uiterst
gevaarlijke vliegstand. Ondertussen had de boorwerktuigkundige, al dan niet tezamen met de leerling, de door de leerling blijkbaar
veroorzaakte situatie van 48 boost links en ongeveer 36 boost rechts hersteld.
Daarna reageerde de machine langzaam; de vlucht naar Amsterdam verliep min
of meer normaal hoewel door het raken van de rechtervleugel aan de
grond, de tip gekraakt en de aileron klem was komen te zitten.
Chef vlieger: A. Viruly. Leerling Watts. Boordwerktuigkundige: Franse.
Het relaas van Viruly zelf en dat van inspecteur Falkenhagen. (Coll. H. Dekker)
16.10.1946 PH-NAY Fairchild
UC-61A Argus II 855 Lyndhurst(G) Terug / Top
Noodlanding waarbij het onderstel, de linker vleugeltip en aileron
beschadigd werden.
Bestuurder: R.C. Perry.
De heer Perry meldde het voorval zelf bij de RLD.
Wonderlijk genoeg is het toestel na de doorhaling spoorloos
verdwenen. (Coll. H. Dekker)
16.10.1946 PH-UBG North
American AT-6A Texan 77-4295 Warga Terug / Top
Door een montagefout van een klep in het brandstofsysteem hield de motor er mee op.
De
standaanwijzer van de benzinekraan was onjuist gemonteerd zodat deze niet de
tank
aanwees die daadwerkelijk in gebruik was.
Achter de aanwijzingen rechtertank, linkertank, reservetank en af, bleken
feitelijk
schuil te gaan resp. af, rechtertank, linkertank en reservetank.
Dat deze foutieve montage niet eerder was gemerkt, was een gevolg van de
overmatige
lekkage van betreffende klep. Bovendien was er nimmer zo lang met
het toestel zonder
bij te tanken gevlogen.
De noodlanding werd uitgevoerd op een weiland bij Warga.
Aan het eind van
de ongeveer 130 meter
vrije uitloop was een vrij brede en diepe sloot
met daarachter een dijkje.
Tegen dit dijkje kwam het toestel tenslotte tot
stilstand terwijl het gedeeltelijk boven
de sloot bleef hangen.
Het lag in de bedoeling het toestel te herbouwen, maar toen bleek dat de
RLS daarbij
dacht aan het vervangen van de romp en de rechtervleugel reageerde
de Luchtvaartdienst
dat dit niet acceptabel was. Dat was het opbouwen van een
nieuw vliegtuig met enige
bruikbare onderdelen. Daarna is er over repareren
niets meer vernomen.
Wel bleek in februari 1947 dat het toestel ernstige
corrosieverschijnselen vertoonde.
Gezien het feit dat het bij de crash door de
modder geschoven was en dus ernstig vervuild was, en bovendien sedert de crash in de open lucht had gelegen was dat niet zo
verwonderlijk. Plannen voor een ‘reparatie’ waren toen natuurlijk helemaal van
de baan.
Bestuurder: H.W. Post.
Het door de bestuurder opgestelde proces-verbaal. (Coll. H. Dekker)
In deze toestand heeft het toestel daarna nog zo lang buiten gestaan dat
reparatie niet meer mogelijk was. (Coll. H. Dekker)
23.10.1946 PH-NAH Koolhoven
F.K.43 6166 Haarlemmermeer Terug / Top
Het vliegtuig had nog geen geldig BvL, en ook voor
het type was nog geen Type-Certificaat
afgegeven.
De vlucht had ten doel de vliegeigenschappen te beproeven nadat beide
rolroeren 5E omhoog waren gesteld. Na enige manoeuvres werden tijdens rechtuit
vliegen op ongeveer 350 m
hoogte hevige trillingen van de vleugel waargenomen.
Weliswaar verminderden die enigszins toen de bestuurder de snelheid
terugbracht, maar ze waren nog wel zo hevig dat hij vleugelbreuk vreesde.
Hij zette het toestel aan de grond in de lengterichting van een
stoppelveld.
Bij de uitloop kwam het in een sloot terecht waarbij het onderstel
werd weggeslagen en de schroef vernield. De inzittenden bleven ongedeerd.
Uit onderzoek door het NLL bleek dat het optreden van hevige onstabiele
trillingen bij deze vliegsnelheid volkomen verklaarbaar was. Vergelijking van
de gemaakte metingen met die welke aan de vooroorlogse PH-CMD waren gemaakt
toonden aan dat het voorkomen ervan een eenvoudige zaak zou zijn.
De PH-CMD had volledig gebalanceerde rolroeren en de PH-NAH niet.
Echter,
deze balansgewichten hadden ook wel op de tekeningen gestaan, maar bij Fokker
had men in eerste instantie gemeend ze weg te kunnen laten.
Uit door Koolhoven-constructeur J. Weyer aan Fokker overgelegde informatie
(o.a. gewichtenlijst) had men inmiddels geconcludeerd
dat de rolroeren gebalanceerd dienden te worden. Helaas waren deze
balansgewichten nog niet aangebracht.
Bestuurder: H.B. Bulten.
De heer Weyer, constructeur bij Koolhoven, gaf een verklaring af betreffende
de balancering van de rolroeren. (Coll. H. Dekker)
De Uitspraak van de Raad voor de Luchtvaart. (Coll. H. Dekker)
28.10.1946 PH-UBR
Beech D18S
A-102 Haringvliet Terug / Top
Tijdens laagvliegoefeningen vloog vlak voor het toestel opeens een groep
van zo’n 300 eenden op. Het was voor de leerling niet
meer mogelijk ze te ontwijken.
Deuken in vleugel, neus en staartvlakken, barst in een ruit.
Over de schade
aan de eenden heb ik geen informatie, lijkt me echter zeer ernstig.
Gezagvoerder: J.K. Hoekstra; Leerling v.d. Made.
Het rapport van de instructeur Hoekstra en de melding door directeur Bach. (Coll. H. Dekker)
De geschonden neus van de PH-UBR. (Coll. H. Dekker)
29.10.1946 PH-UBH North American AT-6A Texan 78-7154 Coevorden Terug / Top
PH-UBL North
American AT-6A Texan 78-6044
Bij het uitvoeren van een overlandvlucht tijdens een gezamenlijke
lesvlucht, heeft de propeller van de PH-UBH de staart van de PH-UBL geraakt.
De bestuurder van de PH-UBL wilde die van de PH-UBH laten weten dat hij
naast hem in formatie ging vliegen, dat lukte vanwege een radiostoring echter
niet.
Toch naderde hij met vrij groot snelheidsverschil de ander van rechts
achter.
De naderingssnelheid was echter zó groot dat hij eigenlijk te laat het
gevaar van zijn manoeuvre besefte.
Hij week uit, maar daardoor kwam zijn linkervleugel in de schroefwind van
de PH-UBH. Dit had tot gevolg dat het toestel onder de PH-UBH zwenkte.
Hij drukte snel de knuppel naar voren maar raakte met z'n staart nog net de propeller van de PH-UBH.
De propeller en het richtingsroer werden licht beschadigd maar beide
vliegtuigen konden doorvliegen naar Eelde. De onderzoekscommissie vond dat
"de oorzaak uitsluitend moest worden
gezocht in een grove onbezonnenheid van de bestuurder van de PH-UBL".
Bestuurders: Haremaker (PH-UBH) en P.C.A. Schüler (PH-UBL).
De leerling-vlieger werd 'zeer ernstig' onderhouden!
En een schetsje van de schade aan het richtingsroer. (Coll. H. Dekker)
05.11.1946 PH-TAV Lockheed
049 Constellation 2069 Azoren(CS) Terug / Top
Bij een tussenlanding op het vliegveld Santa Maria op weg van Amsterdam
naar New York bezweek tijdens de uitloop het linker gedeelte van het
landingsgestel.
Het vliegtuig werd ernstig beschadigd. De passagiers en de
bemanning bleven ongedeerd.
Volgens de grondsporen liep het vliegtuig na een uitloop van 350 m iets naar rechts uit,
dit werd gecorrigeerd. Gedurende deze uitloop werd twee maal flink geremd, dit
was in overeenstemming met de verklaring van de bemanning.
Na 100 meter,
toen het vliegtuig een snelheid van ongeveer 55 km/u had, begon het hevig
te
shimmyen, vooral de linker hoofdwielen. Het linker onderstel sloeg vervolgens
naar
. achteren weg, het vliegtuig helde naar links over en kwam even later tot
stilstand.
Toen het shimmyen begon remde de bestuurder krachtig. Aangezien er van een
defect aan
het materiaal, van een vliegfout of een slechte toestand van de baan
geen sprake was,
werd er een diepgaand onderzoek ingesteld.
De conclusie daarvan was dat als enige oorzaak van het ongeval moest worden
beschouwd de bijzonder grote belasting die optrad door het terugveren van het
onderstel bij snelle en vrij harde landingen. Deze terugveerbelasting was
daarvoor ook al wel geconstateerd maar
er waren toen niet de juiste conclusies
uit getrokken.
Een Nederlands initiatief zorgde ervoor dat er internationaal aandacht aan
dit verschijnsel werd besteed en nadat ook op twee andere vliegtuigen het begin
van breuk van de desbetreffende bouten was geconstateerd werd de door de KLM
aanbevolen -en door haar reeds uitgevoerd- modificatie
door de andere autoriteiten ook bindend voorgeschreven.
Aangezien ook deze modificatie nog niet afdoende de optredende belasting
kon weerstaan, ontwierp Lockheed daartoe een hydraulische schokdemper.
Gezagvoerder: E. van Dijk. Tweede bestuurder: JE Collins. Derde bestuurder:
J. van Kuyk. Boordwerktuigkundigen:
A. Verhoef en J.P. Molenaar. Telegrafist: H.C. Moulijn.
De rapporten van resp. gezagvoerder Van Dijk en BWK Verhoef. (Coll. H. Dekker)
De zwaar gehavende Connie, rustend op de linker vleugel. (Coll. H. Dekker)
En nog twee plaatjes. Wie herkent de heren bij de vleugel? (Coll. H. Dekker)
06.11.1946 PH-TBO Douglas
C-47A 13638 Shere(G) Terug / Top
Het toestel daalde door de wolken teneinde op
Croydon te landen.
Direct na het uitklappen van de wielen begon het toestel
boomtoppen te raken en crashte.
De bestuurder werd hierbij ernstig gewond en
raakte bewusteloos, de BWK die op de plaats van de 2e bestuurder zat, werd
eveneens ernstig gewond.
Van de overige leden der bemanning werden er twee licht gewond.
Van de
passagiers werd er één ernstig en één licht gewond. Het vliegtuig werd
grotendeels vernield.
Eén van de passagiers, de heer G.S. Mayer, constateerde nadat hij het
vliegtuig had verlaten een begin van brand in het kreupelhout rondom de
gescheurde pijpen van de motorgondel. Met een in het vliegtuig aanwezig
brandblusapparaat blust hij dit, waardoor hij ernstiger voorkwam.
De oorzaak van het ongeval was moeilijk te reconstrueren. De bestuurder had
weliswaar de hoogtemeter verkeerd ingesteld
zodat deze 230 voet
meer aanwees dan de feitelijk vlieghoogte. Maar zowel
de bestuurder als de BWK waren stellig in hun bewering
dat ze volgens de meter, op het moment van de crash, op een hoogte van 1100 à 1200 voet vlogen.
En dat
was rekening houdend met de foutieve aanwijzing van de meter nog ruimschoots
voldoende, de bebossing kwam ter plekke niet hoger dan 670 voet.
Ook volgde de bestuurder bij de nadering niet de voorgeschreven route,
maar ook dat kon niet -alleen- de verklaring voor het
ongeval zijn.
De Raad kwam eigenlijk niet verder dan enige veronderstellingen over het
niet (voldoende) rekening houden met de positie van het vliegtuig t.o.v. het
heuvelachtige landschap en het vrijwel onopgemerkt hoogte verliezen dat een
vliegtuig van dit type in een bocht kan overkomen. Dit hoogteverlies kan "licht 600 voet bedragen en kan
voor een niet aandachtige bestuurder onopgemerkt blijven", zoals
deskundige J.A. Bach ter zitting opmerkte”.
Gezagvoerder: O.W.P. Kappelmeijer. Telegrafisten: A.J. Stam en J.A. Surink.
Boordwerktuigkundigen: Th.J. Moerkerk. Stewardess: C. Kans.
De uitspraak van de Raad voor de Luchtvaart. (Coll. H. Dekker)
Twee foto's beschikbaar gesteld door Frank Surink. De telegrafist was zijn oom!
06.11.1946 PH-#
#
= Varck(F) Terug / Top
Een
Nederlands sportvliegtuig dat onderweg was naar Engeland moest te
Varck, in de buurt van Calais, een noodlanding maken. Oorzaak was
brandstofgebrek.
06.11.1946 G-AHNB Percival
P.30 Proctor II H.186 Valkenburg Terug / Top
Wegens motorstoring maakte de bestuurder een noodlanding op het
marinevliegkamp.
Na reparatie kon het toestel op 12 november weer vertrekken.
13.11.1946 LN-LAE Airspeed
AS.40 Oxford I 4337 Schiphol Terug / Top
Toen het vliegtuig taxi-instructies had gekregen voor de start om terug te
vliegen naar Kopenhagen, zou de radiotelegrafist de blokken voor de wielen
verwijderen.
Hierbij werd hij door een draaiende propeller geraakt en gedood.
Bestuurder: Thorsaser
Radiotelegrafist: J.E. Brakken(┼)
Terug naar de opsomming "Ernstige ongevallen"
NB. Mogelijk werd in het ongevallenrapport de naam van de bestuurder foutief
gespeld: Thorsager.
Het door inspecteur Van der Heyde opgestelde rapport.
(Coll. H. Dekker)
14.11.1946 PH-TBR Douglas C-47A 19211 Schiphol Terug / Top
Tijdens de nadering volgde de boordwerktuigkundige tweemaal de opdracht om
de kleppen uit te doen niet op. Volgens hem was de snelheid daarvoor te laag.
Zie ook het gebeuren met de PH-TBW later op de dag.
Bestuurder: E.J.H.F. Moreton. Boordwerktuigkundige: J.J. Bouckaert.
Het rapport van de BWK over het gebeurde,
én over de piloot dus. (Coll. H. Dekker)
14.11.1946 PH-TBW Douglas
C-47A 20122 Schiphol Terug / Top
Toen het toestel boven Schiphol aankwam was het zicht beperkt maar niet
buitensporig slecht. Vlak voor dit ongeval waren de PH-TCD, de PK-DSB en de
NL-310 zonder bijzondere problemen geland.
Bij de nadering van de PH-TBW kreeg het
landingsbeurt 1 toegewezen met als landingsbaan 23, de mistbaan. Nadat het tot
driemaal toe Schiphol was gepasseerd zonder dat grondzicht
was verkregen, heeft
de gezagvoerder bij het opnieuw beschrijven van een linker bocht,
naar alle waarschijnlijkheid de aarde in zicht gekregen.
Daarop heeft de aan boord dienstdoende radiotelegrafist op de gebruikelijke
wijze het peilstation PHA doen weten, dat verdere hulp niet nodig was.
Op dat ogenblik moet de gezagvoerder vóór zich hebben gehad het verlichte
platform met
de verlichte loodsen en links het verlichte eind van de westelijke
mistbaan.
Hij heeft toen de linker bocht doorgezet en heeft na het passeren van
de ringvaart en vliegend achter de vliegtuigloodsen, alleen nog de lichten van
het westelijk einde van
de mistbaan gezien.
Waarschijnlijk was hij voor zijn oriëntering weer grotendeels op zijn
instrumenten aangewezen.
Het vliegtuig is hoogstwaarschijnlijk vervolgens in noord-westelijke
richting, vrijwel evenwijdig aan de toen in aanleg zijnde ZO-NW-baan, op z'n rug met een langshelling van " 65E en een
dwarshelling van "45° en met een vrij grote snelheid (naar schatting "
200 km/u) tegen de grond gebotst, waarbij het vliegtuig werd vernietigd en de
alle 26 inzittenden werden gedood.
Ook bij dit ongeval kwam weer de vliegeigenschap ter sprake die ook bij het ongeval
van
de PH-TBO (op 6 november) een rol had gespeeld: het verliezen van hoogte
bij te langzame scherpe bochten.
Al in 1936 hadden vliegproeven uitgewezen dat de DC-3 niet waarschuwt als een
te lage snelheid wordt bereikt en dan asymmetrisch wegvalt. "Het toestel mag dan ook slechts
worden
toevertrouwd worden aan een bestuurder die met deze bijzondere eigenschappen
ten volle bekend is" schreef destijds prof. Van der Maas. De Raad trok
dan ook (o.a.) de volgende conclusies:
- Dat Moreton met de voormelde
gevaarlijke eigenschappen van de DC-3 vliegtuigen niet voldoende bekend was;
- dat het hem heeft ontbroken
aan voldoende routine in het landen onder omstandigheden
als de bestaande met
dit vliegtuig.
Deze conclusies werden nog
bevestigd door de verklaringen van BWK J.J. Bouckaert die een slechtzicht
landing van betreffende bestuurder op dezelfde dag van de ramp meemaakte.
Hierbij bleek dat hij bij een
snelheid van 145 km/u aan Bouckaert de opdracht had gegeven "3/4 kleppen
uit". Bouckaert achtte dit -ook naar het oordeel
van bovengenoemde Van der Maas terecht- een gevaarlijke handeling en tot twee
maal toe had hij geweigerd dit bevel op te volgen.
Gezagvoerder: E.J.H.F. Moreton(┼)
Telegrafist: W.L. Milo(┼)
Telegrafist: H.L. Vos(┼)
Bwk: H.H.J. Tiemens(┼)
Stewardess: J.M. Lammens(┼)
Passagiers: H.J. van Arkel(┼); F.M. Burgis(┼); M.M. Buschman(┼); W.L. Elderson(┼);
M.A. Elias(┼); P.A. Josephs(┼); W.E.A.M. König(┼); J. Kooyman(┼); L.H. Lambo(┼);
H.E. Lambo-Goats(┼); H. de Man(┼); U.R. Moseley(┼); E.L. van Musscher(┼); J. Ridder(┼);
K. Sperna Weiland(┼); C. Tonnet(┼); A.P. Ulrich-de Groot(┼); J. Vet(┼);
E.M.M. van Vlijmen(┼); C.N. Weston(┼); R.A. Witham(┼).
Terug naar de opsomming "Ernstige ongevallen"
De Uitspraak van de Raad voor de Luchtvaart. (Coll. H. Dekker)
Een viertal foto's waarop de ravage navrant zichtbaar is. (Coll. H. Dekker)
18.11.1946 OY-POL Piper
J3C-65 Cub 12818 Bergeyk Terug / Top
De benzinestandmeter bleef na een scherp gedraaide bocht onder in de
geleiding klem zitten. Bij de Piper is dit een nogal eenvoudige constructie,
een kurken vlotter met daaraan bevestigd een verticale
naald die geleid wordt in een buisje.
Kortom, de brandstofvoorraad was niet
meer af te lezen en de bestuurder besloot elk risico te vermijden en zocht een
plaats om een noodlanding uit te voeren.
Toen hij het toestel naar beneden stuurde voor de landing schoof een blik
reservebenzine van de voorstoel af. Toen het toestel aan de grond kwam merkte
hij direct dat zijn wielen geblokkeerd waren, het toestel ging op z'n neus staan en sloeg daarna over de kop.
Inderdaad, het blik brandstof drukte de voetremmen aan.
Het door hem uitgezochte terrein was echter zo
zacht dat deskundigen er eigenlijk van overtuigd waren dat het toestel óók met
niet geblokkeerde wielen een zeer grote kans had gelopen over de kop te slaan.
Bestuurder: H.L. Hansen.
Het rapport van dit, óók volgens de deskundigen, geval
van botte pech. (Coll. H. Dekker)
22.11.1946 PH-TBI Douglas
C-47A 11855 Schiphol Terug / Top
Het toestel stond aan begin van baan 27 klaar voor een lesvlucht.
De
motoren werden warm gedraaid, toen plotseling door een windvlaag de staart
omhoog kwam en de propellers tegen de baan sloegen. Ze werden beide ernstig
beschadigd.
Instructeur: J.H. Creel. Leerling: R.D. Bergman.
NB. De hier genoemde leerling R.D. Bergman is ongetwijfeld de R.D. Bergemann, de gezagvoerder die
op 30.5.1961 met de PH-DCL verongelukte.
Het door Van der Wal opgestelde rapport. (Coll. H. Dekker)
22.11.1946 LN-NAL Auster
J/2 Arrow 2356 Valkenburg Terug / Top
Wegens slecht weer zette de bestuurder z'n toestel
op het marinevliegkamp aan de grond. Toen dezelfde dag het weer wat opklaarde
vertrok hij alsnog naar Schiphol.
29.11.1946 PH-UBK North
American AT-6A Texan 78-6580 Gilze-Rijen Terug / Top
De leerling voerde de landing uit. Tijdens de uitloop werd het toestel
plotseling door een windvlaag opgetild en voordat de instructeur kon ingrijpen
raakte de linker vleugeltip de grond. Vleugeltip en aileron beschadigd.
Instructeur: J.A. Gibson.
De instructeur schreef onderstaand rapportje. (Coll. H. Dekker)
00.11.1946 PH-AAA Bücker
Bü 181 Bestmann 331365 # Terug / Top
Deze maand heeft Frits Diepen Vliegtuigen NV tweemaal een propeller van dit
toestel gerepareerd. Eén daarvan was duidelijk beschadigd door draaiend in
aanraking met een obstakel te zijn gekomen.
De brief waarin de heer Meyer de beide reparaties omschrijft. (Coll. H. Dekker)
04.12.1946 PH-UBN North
American AT-6A Texan 78-5955 Gilze-Rijen Terug / Top
Na een normale landing met 45° dwarswind begon het toestel tijdens de
uitloop hardnekkig naar rechts uit te lopen. Subtiel corrigeren hielp niet, dus
toen maar steviger geremd en gestuurd. De linker vleugeltip raakte de grond
en werd weer (zie 18/9) verkreukeld.
Bestuurder: K. van de Kommer.
De PH-UBN bleek niet alleen op de grond, maar ook in de lucht aparte eigenschappen te bezitten!
(Coll. H. Dekker)
07.12.1946 PH-NAW Supermarine
Walrus I S2/8934 Kaapstad(ZS) Terug / Top
Het vliegtuig werd, na het compenseren van het kompas op Wingfield,
teruggevlogen naar de "Willem Barentsz". Om 12.10 uur werd weer
in de Tafelbaai geland.
Omdat het vertrek van de ”Willem Barentsz" uitgesteld werd, was er nog
wat tijd over voor extra oefeningen. Er werd dus weer gestart.
Even voor, of in het begin van, de aanloop kwam er van de "Willem
Barentsz" een bericht binnen met een vraag over het benzineverbruik van de
Walrus.
De radiotelegrafist gaf het bericht aan waarnemer Kuiper die hem duidelijk
maakte dat hij het wel aan de bestuurder zou geven.
Kuiper ging daarop naar voren terwijl het vliegtuig met de startrun bezig
was.
Toen het vliegtuig aan het eind van de aanloop zich juist boven het water
bevond, voelde de bestuurder een krachtige duw tegen zijn rechter bovenarm.
Deze duw was het gevolg van het struikelen van de heer Kuiper. Hierdoor werd
het stuurwiel plotseling naar voren geduwd en dook het vliegtuig het water in.
De waarnemer kwam hierbij om het leven.
Gezagvoerder: J. van Donkelaar
Telegrafist: H.W. Hogenkamp
Waarnemer: L. Kuiper(┼)
Radardeskundige:
J.R. Addison
Terug naar de opsomming "Ernstige ongevallen"
De uitspraak van de Raad voor de Luchtvaart. (Coll. H. Dekker)
07.12.1946 PH-TCF Douglas DC-4-1009 42996 Tunis(TS) Terug / Top
De
bijzondere vlucht naar Zuid Afrika strandde in Tunis. De PH-TBY bracht
motoronderdelen, de PH-TAR vertok naar Tunis om de vlucht i.p.v. de
PH-TCF uit te voeren.
Gezagvoerder: A. Viruly.
08.12.1946 PH-136 Grunau 9 (ESG) 6024 Ypenburg Terug / Top
De bestuurder had opdracht een rondje om het veld te vliegen.
Doordat hij
de laatste bocht praktisch zonder ailerons te gebruiken vloog, dreef hij
te ver
af.
Toen hij probeerde terug te komen haalde hij door het te
overtrekken alle snelheid uit
het toestel en prikte het tenslotte de grond in.
Het toestel raakte behoorlijk beschadigd, voor- en achterstijl gebroken,
triplex rompje kapot diverse kabels gebroken.
Bestuurder: P. Otto.
Ongevallenrapport 1946-18. (Coll. H. Dekker)
00.00.1946 PH-UA# de
Havilland D.H.82A Tiger Moth = Roosendaal Terug / Top
Bij aankomst in Nederland verdwaald en wegens brandstofgebrek moest een
noodlanding bij Roosendaal gemaakt worden.
00.00.1946 PH-# Piper
L-4H Grasshopper = Schiphol Terug / Top
Op Schiphol ontdekte J.B.Th. Hugenholtz twee Piper
Cub vliegtuigen en begon direct pogingen in het werk te stellen er een te
bemachtigen.
Het duurde tot begin 1947 voordat zijn toestel ingeschreven werd als
PH-NBP.
Van het andere toestel meldde Vliegwereld van 1 maart 1947 dat het door
een windvlaag was vernield.
Bij de samenstelling van
“Nederlandse Ongevallen en Incidenten 1946" werden (o.a.) de volgende
bronnen geraadpleegd:
A. van Aal; Wim Adriaansen; Wijbe Buising; Frits Gerdessen; Coen van den Heuvel;
Gerrit J. Koning; J.(Pjotr) Lawant; Doewe J.
Pelleboer; Jan Willem de Wijn; Rijksluchtvaartdienst; Uitspraken van de Raad voor de Luchtvaart;
Accident Inquiry in the Netherlands (A.A. van Wijk); This is your Flight
Engineer speaking (Hagens e.a.); Nederlandse Vliegtuig Encyclopedie (Hooftman);
Vliegwereld; AVIA; Een halve eeuw zweefvliegen boven Twente (Koppen e.a.); World Directory of Airliner
Crashes (Denham); Amsterdamse Club voor Zweefvliegen;